Die rust in mij

Lieve Etty,

 

Het liefst schrijf ik in de trein. Als deze zo langs de uiterwaarden glijdt, met een bleke mist zo over de velden, dan komt het zenuwachtige vogeltje in mijn borst langzaam tot rust. Eindelijk.

 

Het valt me zwaar om rust in mijzelf te vinden, deze dagen. Misschien is het wel de grote overgang van zomerse rust naar werkwekelijkse regelmaat. Misschien is het wel het tekort aan tijd om de grote hoeveelheid prikkels van deze zomer te verwerken, over het wel en vooral wee in de wereld, de kwijtgeraakte reisbagage, de verbouwing van de badkamer, de naderende verkoop van mijn huis. Misschien is het wel het contrast tussen de naderende herfst, die me vraagt om innerlijk naar binnen te keren, en de sterk naar buiten gerichte energie van een nieuw schooljaar. Plotseling moet er weer van alles, en ik had de zomer juist zo lief omdat er niets moest.

Gelukkig heb ik ook de herfst lief, met zijn warme-chocomel-momenten, de gouden kleuren in het bos, het knusse bankhangen met de gordijnen dicht. En ook mogen eindelijk al mijn mutsen weer uit de kast. Het is alsof ik mijn huisdieren bevrijd na een half jaar opsluiting: de pluizige blauwe, de pluizige roze, de robuuste bruine, de altijd-matchende zwarte. En helemaal onderin die witte berenmuts, voor die schaarse momenten dat het serieus wintert in ons land.

 

Maar terug naar die rust. Ik verlang naar wit, naar sober, naar leeg. Ik verlang naar iets dat het tegendeel vormt van de vele prikkels om me heen. Ik verlang naar schoonheid en harmonie, naar een moment waarop er door niemand een appel op me wordt gedaan. Ik verlang naar een venster, naar een plek in mijzelf om omhoog te kijken en de melkwitte herfstige hemel te zien. Ja, ik zou best wel zen willen zijn.

Lieve Etty, ik hoor je hard lachen, daar in de verte. Je hebt gelijk: wat zit ik toch te zeuren hier, ik, die achter het raam van een comfortabele trein zit. Jij reed ooit over ditzelfde spoor: langs de IJssel, omhoog naar Deventer en Zwolle. In oorlogstijd, welteverstaan. Waar vond jij je rust? Ik herinner me dat je een keer schreef: men is op onze algehele vernietiging uit, dit moet men ook in zijn leven aanvaarden en dan gaat het verder wel weer. Het is waar, lieve Etty: ook boven een verscheurde wereld komt dezelfde zon op, ook in een hectische wereld bloeien dezelfde gele lupines en ademt dezelfde wind in de stille nacht. En ook een overprikkeld mens kan dezelfde mistige uiterwaarden door een treinraam leren zien.

 

 

Liefs, Angela